Wat is Katheterisatie?

Katheterisatie is het inbrengen van een katheter, een buisje, in de blaas of andere lichaamsholten. Deze handeling wordt uitgevoerd om urine af te voeren, medicatie toe te dienen of om diagnostisch onderzoek uit te voeren. Het is een veel voorkomende verpleegkundige handeling in de zorg.

Wie mag Katheterisatie uitvoeren?

Katheterisatie is een voorbehouden handeling volgens de Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (Wet BIG). Dit betekent dat alleen bevoegde en bekwame zorgprofessionals deze handeling mogen uitvoeren. Artsen, verpleegkundigen en sommige gespecialiseerde zorgmedewerkers kunnen bevoegd zijn om katheterisatie uit te voeren, mits ze hun bekwaamheid hebben aangetoond.

Procedure voor Katheterisatie

De procedure voor katheterisatie kent de volgende stappen:

  1. Voorbereiding: Zorg voor een steriele werkomgeving, verzamel alle benodigde materialen en informeer de patiënt over de procedure.
  2. Positie: Plaats de patiënt in de juiste positie, meestal liggend met de benen gespreid.
  3. Desinfectie: Desinfecteer het gebied rond de urinebuis (urethra) grondig.
  4. Inbrengen: Breng de katheter voorzichtig en steriel in de urinebuis in, totdat urine begint te stromen.
  5. Bevestiging: Bevestig de katheter op de juiste manier, bijvoorbeeld met een pleister.
  6. Controle: Controleer de urineproductie en let op eventuele complicaties.

Benodigdheden voor Katheterisatie

Voor het uitvoeren van katheterisatie zijn de volgende materialen nodig:

  • Steriele katheter in de juiste maat
  • Steriel gaas of doekjes
  • Steriel glijmiddel
  • Desinfecterend middel
  • Steriele handschoenen
  • Urinezak of opvangbeker

Indicaties voor Katheterisatie

Katheterisatie wordt toegepast in de volgende situaties:

  • Urineretentie (onvermogen om te plassen)
  • Incontinentie (ongewild urineverlies)
  • Monitoring van urineproductie
  • Toediening van medicatie in de blaas
  • Diagnostisch onderzoek, zoals urodynamisch onderzoek

Contra-indicaties en Risico’s

Katheterisatie kent enkele contra-indicaties en risico’s, zoals:

  • Urethrastricturen (vernauwingen in de urinebuis)
  • Prostaathypertrofie (vergroting van de prostaat)
  • Infecties in het urogenitale stelsel
  • Risico op bloedingen of perforaties

Om deze risico’s te beperken is een zorgvuldige uitvoering van de procedure en regelmatige controle essentieel.

Training en Certificering

Zorgprofessionals kunnen zich bekwamen in katheterisatie door:

  1. Het volgen van theoretische scholing over anatomie, fysiologie en de procedure.
  2. Het onder supervisie oefenen van de praktische vaardigheden.
  3. Het aantonen van hun bekwaamheid door middel van een toets of assessment.
  4. Het periodiek herhalen van de toetsing om de bekwaamheid te onderhouden.

De KNMG en V&VN bieden richtlijnen en ondersteuning voor de juiste implementatie van katheterisatie in de zorgpraktijk.

Best Practices voor Katheterisatie

Voor een correcte uitvoering van katheterisatie gelden de volgende best practices:

  • Volg altijd de steriele procedure nauwgezet op
  • Zorg voor voldoende licht en een comfortabele positie van de patiënt
  • Informeer de patiënt goed over de procedure en eventuele ongemakken
  • Monitor de urineproductie en let op tekenen van complicaties
  • Documenteer de handeling zorgvuldig in het patiëntendossier

Documentatie en Registratie

Van elke katheterisatie moet een registratie worden bijgehouden in het patiëntendossier. Hierin worden in ieder geval de volgende gegevens vastgelegd:

  • Datum en tijdstip van de handeling
  • Reden voor katheterisatie
  • Gebruikte materialen
  • Verloop van de procedure
  • Eventuele complicaties
  • Controles na afloop

Deze documentatie is essentieel voor de continuïteit van zorg en eventuele verantwoording achteraf.

Veelgestelde Vragen over Katheterisatie

Wanneer is katheterisatie noodzakelijk? Katheterisatie wordt toegepast bij urineretentie, incontinentie, monitoring van urineproductie, toediening van blaasinstillaties en diagnostisch onderzoek.

Wat zijn de risico’s van katheterisatie? De belangrijkste risico’s zijn infecties, bloedingen en perforaties. Deze kunnen worden voorkomen door een zorgvuldige steriele procedure.

Hoe vaak moet een katheter worden vervangen? De duur dat een katheter kan blijven zitten, hangt af van het type katheter en de situatie van de patiënt. In het algemeen wordt geadviseerd om katheters regelmatig, bijvoorbeeld wekelijks, te vervangen.

Kunnen patiënten zelf leren te katheteriseren? Ja, in sommige gevallen kunnen patiënten, zoals mensen met blaaskanker of dwarslaesie, zichzelf katheteriseren na instructie en training. Dit heet zelfkatheterisatie.

Wat is het verschil tussen een blaaskatheter en een ureterkatheter? Een blaaskatheter wordt ingebracht via de urinebuis in de blaas. Een ureterkatheter wordt via een operatieve opening in de blaas ingebracht en loopt door naar een van de ureters.

Bronnen:

  • Richtlijn Blaaskatheterisatie, V&VN, 2016
  • Wet op de Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (Wet BIG)
  • Artsenwijzer Katheterisatie, KNMG, 2021